“In Nederland is het muziekonderwijs versplinterd.”

Auteur: 
Esther Wouters
Foto's: 
eigen collectie Casper de Haas
Verschenen in Pyramide: 

In de beperking toont zich de meester. Daaraan moest ik denken toen ik Casper de Haas vroeg waarom hij instructiefilmpjes voor muzieklessen in het primair onderwijs was gaan maken. Het antwoord is even eenvoudig als voorspelbaar: vanwege corona moesten er online lessen komen, dus dan ga je aan de slag.

Zijn filmpjes zijn opvallend goed en met zichtbaar plezier gemaakt. De filmpjes hebben een vast format: een begin met geanimeerd logo en vast begin-geluid, een middenstuk met meestal uitleg hoe je op de ukelele een akkoord speelt en welk liedje je daarmee kunt begeleiden, en een slot. Ze eindigen vrijwel allemaal met zijn opgewekte aanmoediging “succes met oefenen”.

Het YouTubekanaal ‘Meester Casper’, waarop de filmpjes staan, oogt professioneel: het is overzichtelijk en voorzien van een mooi logo. Inhoudelijk is het ook professioneel: Casper komt prettig snel ter zake en geeft in enkele minuten precies de informatie die je nodig hebt om vervolgens zelf aan de slag te kunnen.

De filmpjes zijn niet bedoeld om af te spelen in de klas maar om leerkrachten die een muziekles willen geven aan een klas in het primair onderwijs te voorzien van eenvoudige, voor iedereen goed te volgen oefeninstructies en ideeën voor liedjes.

Het kanaal Meester Casper bevat ook een paar filmpjes over didactiek en over muzikale spelletjes voor in de klas. Daarnaast heeft het kanaal de podcastserie ‘Meester Podcasper’ met video’s van gemiddeld een uur. Bij het schrijven van dit interview waren dat er drie. Het format is: gesprekken aan tafel met vakgenoten over het vak muziekonderwijs.

Qua beeld gebeurt er vrijwel niets, ze zijn bedoeld om naar te luisteren. Er zit geen verdienmodel achter, de filmpjes zijn gratis voor iedereen beschikbaar. Casper de Haas verdient zijn inkomen als docent bij de pabo van het Marnixcollege. Met de filmpjes wil hij zijn studenten helpen in coronatijd, maar met de podcasts heeft hij een ander doel voor ogen, vertelt hij.

“Het begon als hobby. Voor mezelf maakte ik voor de lol wel eens filmpjes van covers. Daarna maakte ik ukelelefilmpjes, dat was een coronabezigheid, heel laagdrempelig maar het werd steeds groter, steeds meer mensen gingen ze bekijken.

Toen in april/mei 2020 duidelijk werd dat corona ook in het volgende schooljaar zou voortduren, besloten we met de pabocollega’s van Marnix dat we de eerstejaars een ukelele zouden laten aanschaffen, en vanaf augustus die filmpjes in het curriculum op te nemen.”

Podcasper

“De jongen die mijn logo had geanimeerd, heeft zelf een YouTubekanaal met wel veertig- of vijftigduizend volgers. Dat is zijn werk. Hij zei tegen mij: ‘Je moet ook eens kijken wat je nog naast die filmpjes kunt doen, een podcast of iets met leuke feitjes.’

Ik aarzelde, vond die filmpjes al heel wat, maar besprak het met een aantal vrienden en die zeiden ‘probeer het gewoon’, en dat ben ik met hen gaan doen, dat is de eerste podcast geworden. Die was wat onwennig. Wat gaan we doen? Gelijk de diepte in, of iets speciaal voor mijn studenten? Zij kijken naar mijn kanaal, dus het moet voor hen begrijpelijk zijn.”

“Het is nog niet helemaal uitgekristalliseerd op wat voor publiek ik me moet richten. Moet ik muziekdocenten aanspreken of toch ook groepsleerkrachten?

Met de podcast met Jeroen Schipper ben ik wel veel de diepte in gegaan. Achteraf denk ik, ik had het over zoveel meer onderwerpen nog willen hebben. Bijvoorbeeld, in de laatste Pyramide stond een artikel van Michel Hogenes over de Canon van het Nederlandse Kinderlied, ik dacht, dat is nou echt een onderwerp waar ik het met Jeroen Schipper over kan hebben. Maar dat is niet aan bod gekomen. Ik ben geen interviewer.

Mensen hebben mij gezegd dat ze het prettig vinden hoe ik een gesprek leid. Dat vind ik leuk om te horen, maar ik ben nog zoekende naar mijn stem, naar de juiste toon.”

Muziekdocent

“De muziek komt van moeders kant, zij heeft conservatorium dwarsfluit gedaan. Op YouTube staat een filmpje uit 1965 met Ad van Veen die muziekles geeft, dat is mijn opa. Hij heeft ook veel voor De Pyramide geschreven.

Mijn moeder heeft mij op AMV gedaan. Ik koos voor drums, speelde in een marching band en als puber ben ik bas gaan spelen omdat ik in een band wilde. Later wilde ik er meer mee doen, niet alleen als hobby. Ik koos bewust voor het onderwijs omdat ik werk wil hebben.”

“Op conservatorium vond ik stage verschrikkelijk want in het eerste jaar was ik heel onzeker over überhaupt … zingen. Ik durfde helemaal niks, wilde snel wég van die basisschool. Later kwam ik mezelf erg tegen op de middelbare schoolstages, ik kon niet met die pubers overweg.”

“Ottilie van der Jagt kwam langs bij Codarts en zei ‘we zoeken mensen bij de SKVR’ [Stichting Kunstzinnige Vorming Rotterdam – red.] en ik zei ja, want ik wilde weg bij mijn baantje bij McDonalds. De basisschool waar ik ging werken had een subsidieregeling waarbij de groepsleerkrachten van mij moesten leren.

Dat was heerlijk. Het eerste jaar stond ik voor de klas en zij observeerden bij mij, dus ik hoefde nooit orde te houden, ik was puur bezig met muziekonderwijs geven. Zo kon ik een jaar lang extra oefenen zonder dat een docent ingreep. Ik kwam erachter dat ik het leuk vond en goed kon.”

“Op de basisschool moet je elke week lesmateriaal hebben, en ik had niet zo veel liggen. Bij Codarts had ik alleen in het eerste jaar basisonderwijsstage gelopen. Ik kon Eigen-wijs gebruiken en dan elke week een nieuw liedje aanleren. Maar er zijn meer domeinen, je wilt ook iets spelen, iets doen, luisteren naar muziek, bewegen op muziek.”

“Op aanraden van vrienden kocht ik het boek 'Singing Games and Rhymes' van Lucinda Geoghaegen. Daarin staan korte liedjes met daarbij behorende klap- of bewegingsspelletjes. Er komen steeds stapjes terug waarmee het moeilijker gemaakt kan worden, terwijl de liedjes zelf helemaal niet lastig zijn.”

“De kinderen konden het niet meteen, maar hadden wel een intrinsieke motivatie om het te kunnen. De klapspelletjes, waarvan je denkt dat ze het niet meer willen doen, willen ze juist wel. Het ging als een tierelier, ik heb echt geleerd wat kinderen wel en niet leuk vinden, ze willen helemaal niet achter een computerscherm, ze willen samen iets doen.

En zo werden mijn lessen niet meer een losse les van één middag, maar leerlijnen van vier weken waarbij de leerlingen aan het eind van die vier weken het spel konden.”

Kodály-master

“Ik ben masterclasses gaan volgen en heb weekenden bijgewoond en toen dacht ik, ik moet de Kodály-master gaan doen, het is deel van mijn docentidentiteit.”

“Bij de Kodály-master leer je hoe je een lessenserie ontwerpt. Je kan het zo gek maken als je wilt, van kleuters tot groep acht. Bijvoorbeeld bij de kleuters begin je met steady beats, op de hartslag meetikken. Ik zeg nooit ‘we zijn nu maat aan het houden’, maar ‘we tikken mee op de hartslag’. Dat doen we een halfjaar lang met elk lied.

Pas in groep twee zeg ik ‘dat noemen we maat houden’, en dan hebben we er al een jaar lang ervaring mee opgedaan. Dat principe pas je steeds toe, naast ritme ook met bouwstenen, toonhoogte, handzingen, net als bij Gehrels. Je bent echt muzikale inhouden aan het trainen.”

“Veel muziekles in Nederland gaat op basis van grote spelers zoals 123Zing, Eigen-wijs, Aslan, Zingkikker, Zang-Express, en daar zitten vooral leuke lesideeën in. Maar niet echt een lange leerlijn. Dat is de discussie die ik misschien ook wel op gang wil brengen met de podcasts.”

Onderwerp Podcasper-serie

“De vraag die ik in de podcasts wil stellen is, wat hebben we nou aan alles? In Nederland is het muziekonderwijs een beetje versplinterd. En ik snap dat we in Nederland niet een hele Hongaarse methode kunnen invoeren, daar zijn we veel te eigenwijs voor. Iets opleggen is niet de bedoeling. Maar wat we wel kunnen doen, is ernaar streven om alle eilandjes en de versplintering te verminderen en holistischer te kijken naar hoe we goed muziekonderwijs vormgeven."

“Als we het hebben over de basis van muziekonderwijs, de TULE SLO [tussendoelen en leerlijnen van Stichting Leerplanontwikkeling – red.], dan vind ik die te algemeen, ik zou dat liever iets gespecificeerder hebben zodat alle docenten weten: we moeten aan díé doelen werken op deze manier. Nu is het doel dat we het over muziek kunnen hebben op alle klasseniveaus. En dat je het kunt uiten, een emotionele ontwikkeling. Dat heb je ook zeker nodig, maar het mag af en toe ook iets meer de diepte in.”

“Bij taal en rekenen werk je wel gestructureerd naar specifieke doelen toe. Je moet aan het eind van groep 8 breuken kunnen oplossen, in groep 5 moet je kunnen klokkijken. Bij muziek merk ik dat er veel klassen groep 7 en 8 zijn die niet in canon kunnen zingen.

Ik las op Facebook een discussie over meerstemmig zingen in de klas, uit de literatuur over het begin van de twintigste eeuw blijkt dat we in Nederland een cultuur hebben gehad waar meerstemmig zingen de norm was in de zesde klas.”

“Dus het is er allemaal geweest en er zijn veel redenen waarom het uiteindelijk is verdwenen, Jeroen Schipper gaf als voorbeeld ontkerkelijking, maar ook de Mammoetwet heeft ermee te maken gehad en de invoering van het basisonderwijs is een groot punt geweest.”

Terug bij af

“Tegelijkertijd hebben we die basisprincipes ook nodig want dat is waar de overheid naar kijkt. Anders verdwijnt het vak straks weer helemaal van de basisschool. Terwijl we net weer een beetje naar boven aan het komen zijn.

We hebben Méér Muziek in De Klas, de subsidieregeling, er worden veel convenanten ondertekend, dus het vak is nu al zichtbaarder dan het was. Als je nu opeens in de kern van het muziekonderwijs gaat lopen sleutelen en je neemt de verkeerde beslissing, kunnen we zomaar weer terug zijn bij af."

“Je moest vroeger een muziek-auditie doen om in de Kweekschool terecht te komen, dat is uiteindelijk afgeschaft omdat te weinig mensen het haalden. Als we nu een auditie zouden houden aan de poort van de pabo, valt een grote groep af en dat wil je niet. We hebben al een lerarentekort.

Mensen die nu de pabo doen, hebben geen muziekles gehad. Dat is de vicieuze cirkel die we moeten doorbreken. Er moet een doorbraak komen, zodat er een generatie komt die over zijn of haar angst heen stapt. Dat is de quote uit de eerste podcast die ik het mooist vond. ‘Durf je kwetsbaarheden in de etalage te zetten.’

Toekomst Podcasper

“De eerste podcast stond nog niet op Spotify. Iets op YouTube zetten kost geen geld, op Spotify wel. Ik heb nu voor een jaar betaald, het aantal plays gaat omhoog. Ik zal zien of er animo voor is.

Als mensen het interessant vinden en het voegt iets toe aan de discussie over hoe we muziekonderwijs geven in Nederland en de podcast kan die discussie faciliteren, dan is het waardevol genoeg om ermee door te gaan. Als in mei blijkt dat er weinig mensen naar luisteren, dan is het meer bezigheidstherapie voor mezelf, en dan trek ik de stekker eruit.”

Esther Wouters is journalist en hoofdredacteur van De Pyramide.

Reacties

Reactie toevoegen

Inschrijven voor de nieuwsbrief

Schrijf je in voor onze nieuwbsrief en ontvang ongeveer zes keer per jaar nieuws over onze artikelen, lessen, en professionaliseringsdagen.