Mies van Hout maakt als Nederlandse illustrator en grafisch vormgever kleurrijke prentenboeken voor jonge kinderen. Ze groeide op in Hapert en werd als kind geïnspireerd door de spannende verhalen die haar vader vertelde. Haar boek ‘Vrolijk’, dat emoties verbeeldt, werd wereldwijd succesvol. ‘Kleine Aap’, haar nieuwste prentenboek, is verkozen tot Prentenboek van het Jaar 2026.
De boeken van Mies van Hout zijn vaak erg geschikt om in de klas te gebruiken. Mies bedenkt tijdens het maken van een boek al wat je er dan mee kunt doen. Op miesvanhout.nl vind je bij veel boeken uitgebreide tips en tekenworkshops.
Aflevering 1: De Pyramide 79/04.
Kleertjes uit, pyjamaatjes aan

Lessuggesties
Het lied ‘Kleertjes uit, pyjamaatjes aan’ is een mooi luisterlied voor oudste peuters en de groepen 1-3. Een kinderkoor zou het ook op het repertoire kunnen zetten.
Ga in een klassengesprek in op rituelen bij het naar-bed-gaan.
Wat doe je voor je slapen gaat?
Zingt de ouder/verzorger nog een liedje of wordt er voorgelezen?
Slapen de kinderen met een knuffel of doekje?
Hoe weet je dat je moe bent?
Wat hebben de kinderen in hun slaapkamer?
Enzovoorts. En wat breder:
zien kinderen hun ouders wel eens slapen?
Hoe slaapt de hond, de kat?
En wat betekent ‘de kippen zijn op stok’?
Verduidelijk een en ander eventueel met de prent uit het boek en/of met andere afbeeldingen of een filmpje. In groep 3 kun je naar aanleiding van het liedje al aandacht besteden aan de hele uren op een analoge klok.
In de maneschijn

Lessuggesties
Het uitbeeldspelletje dat bij dit liedje hoort, kennen de kinderen vast allemaal van het kinderdagverblijf. Voor de volledigheid:
- maak een cirkel met je handen (‘de maan’);
- ‘klim’ met je handen omhoog; - teken bij ‘raamkozijn’ een vierkant in de lucht;
- maak een waarschuwend gebaar met je wijsvinger bij ‘waagt het niet’ en
- een vliegend gebaar met je armen bij ‘vogel’;
- bij ‘zo doet de vis’: handen als een zwemmende vis;
- bij ‘duizendpoot-schoenenpoetser’: doe alsof je een schoen (je arm) poetst;
- maak het gebaar voor ‘dat is 1’ en ‘dat is 2’;
- maak een ronde buik met je armen; - bij ‘dat is’: arm recht, arm krom;
- bij ‘wieletje’: met je handen om elkaar heen draaien;
- sluit af op ‘rom bom’ met twee klappen in je handen: ‘zo, klaar’. Of wijs naar de prenten in het boek als je het kind waarmee je zingt op schoot hebt!
Op een klein stationnetje

Lessuggesties (De Pyramide 80-1, p. 45)
Dit lied leent zich voor allerlei soorten ‘treintjes’. Maak bijvoorbeeld met de kinderen een lange slinger – ze houden elkaars hand vast – om van de klas naar de speelplaats te gaan. Of zet zeven kinderen achter elkaar op stoeltjes of kussentjes. Improviseer treinmuziek na het zingen van het lied, ‘trek op’ en ‘rem af’ om de kinderen versnellen en trager worden te laten ervaren. Stopt de muziek? Uitstappen!
Zo kun je activiteiten aan elkaar knopen: op ieder station is iets anders te doen. Dit kan uiteraard ook met muziek in verschillende sferen, bijvoorbeeld de audiotrack ‘De stoomtrein’ van Theo van Tol, die we hierboven ook hebben toegevoegd bij de audio-opnamen*. Daarnaast kun je het lied aangrijpen voor vakoverstijgende activiteiten zoals tellen: zes wagentjes of acht, drie, enzovoort en kleuren: rode, gele of misschien donkergroene wagentjes. Een rollenspel kan ook: welk kind is machinist, wie mag als een conducteur fluiten en/of kaartjes controleren? Zelfs met baby of dreumes kun je dit lied uitvoeren, bijvoorbeeld als schootspel, waarbij je het kind ‘door je knieën’ laat zakken bij ‘Weg’.
*Het lied De stoomtrein van Theo van Tol stond op cd 2 van Albers, A. en Rikhof, R. (2015). Muziek tussen Schoot en School (6e druk). Uitgeverij De Toorts. Uitvoerenden: Marijke Albers-stoomtrein fluit, Ruud Ouwehand-contrabas, Antoon Aukes-slagwerk, Nico Jan Beckers-accordeon, Frank Deiman-toetsen, Bert Reerink-gitaar, basgitaar, Opnametechniek: Roelof Staman.
Download de bladmuziek van 'Op een klein stationnetje' (png) uit De Pyramide 73-03, september 2019
download pdf Op een klein stationnetje versie van januari 2026
Alles in de wind

Lessuggesties
Laat de kinderen een kring vormen terwijl ze elkaars handen vasthouden. Eén kind is schipperskind en staat in het midden, dicht bij de anderen. Begin te zingen – het ‘schipperskind’ staat stil of loopt met de klok mee, de buitenkring gaat dansend tegen de klok in. Bij de tekst ‘schipperskind’ blijft iedereen staan. Het schipperskind pakt de handen van het kind uit de buitenkring waarvoor die staat. Als dit lukt: kruiselings. Beiden dansen midden in de kring samen rond, terwijl iedereen zingt: ‘Kom hier, Rosa … ja, ja!’. Eventueel klappen de buitenste kinderen daarbij in de maat, op de kwartnoten. Je kunt ook meerdere schipperskinderen aanwijzen die samen door de kring lopen.
Zing en speel je ook couplet 2 en 3 – niet opgenomen in het prentenboek van Mies van Hout – dan gaat het als volgt verder:
- Bij ‘ja, ja!’ kruipt het uitgekozen kind weg achter een ander kind in de kring;
- Bij couplet 2 draait de kring weer tegen de klok in rond en staat of loopt het schipperskind ‘huilend’ midden in de kring tot ‘Kom hier, Rosa’, waar het een ander kind uitkiest als ‘Rosa’;
- Bij couplet 3 vindt het schipperskind de ‘echte’ Rosa uit couplet 1 weer terug.
Is dit in een kring nog te moeilijk, dan kun je de kinderen ook een rij laten vormen, het schipperskind loopt of danst met ‘Rosa’ dan heen en weer voor de rij.
Potje met vet

Lessuggesties
Onderbouw
Zing luid, zacht (de-)crescendo, staccato of legato, stoer, als operazanger of piraat. Kortom, laat de kinderen muzikale elementen en hun stem verkennen. De prent van Mies van Hout bij dit lied (De Pyramide 80-1 januari 2026 p. 47) toont een berglandschap met sneeuw en skiërtjes. Wissel het lied af met ‘skiën’, door glissandi te laten maken op klokkenspellen of xylofoons. Of zing ‘vet’ in maat zes als glissando.
Voor de hogere groepen
Maak een muziekles over glissandi en zoek er vooraf muziek bij. Bijvoorbeeld:
Klarinetsolo aan het begin van de Rhapsody in Blue, George Gershwin, bijvoorbeeld
De beginfrase van de Hongaarse Rapsodie nr. 10 van Franz Liszt:
Hungarian Rhapsody No. 10 in E Major, S.244/1
In ‘II. Blues. Moderato’ uit de vioolsonate van Ravel hoor je vanaf 0’29” de viool ‘schmieren’

